Kees Faber en Pim Benus

“Genius Loci”

5 april t/m 28 april

TAgios Nikolaos

Vergeten en verloren Beelden van het dorp Kalami (Kreta)

Kapotte ramen met de gordijnen half naar buiten. Door de open deuren zie je bergen huisraad en rotzooi liggen. Nog steeds hangt het familieportret aan de muur. Naast de kamerdeur de telefoon, de hoorn bungelt aan het snoer. In het schooltje liggen de banken omver, school boeken en schriften op een hoop in de hoek. Nergens is iemand te bekennen. De inwoners van Kalami lijken gevlucht. Alsof de duivel hen op de hielen zat…

Klaas van Slooten komt vaak in Kalami. Het dorp ligt vlakbij de kust in het zuidoosten van Kreta. Het is niet de verlatenheid van de plek die hem intrigeert, maar het plotselinge van het vertrek. En de onbeweeglijke stilte daarna.

In de buurt vertellen ze je het verhaal dat hier ten tijde van het kolonelsregime een stuwdam zou worden aan gelegd en dat alle inwoners Kalami snel moesten verlaten. Hun verhaal klopt niet. De waarheid is schrijnender.

Sinds vijftig jaar is Kalami leeggelopen omdat zijn inwoners zelf hun heil elders zochten. Ze lieten vrijwel alles achter. In het begin kwamen ze af en toe even terug, in de vakantie en met de feestdagen. Maar die contacten verwaterden snel. Wat hadden ze in godsnaam nog in Kalami te zoeken?

Klaas van Slooten ziet in zijn foto’s van Kalami vooral ook de dromen van een stel overlevers. Beelden die de veerkracht tonen. Dat je niet bij de pakken moet blijven neerzitten. Wat houd je tegen om verderop opnieuw te beginnen? In Kalami weet je zeker dat de mooie kant van de medaille de andere kant is.

Kalami is waarschijnlijk gebouwd aan het einde van de Venetiaanse- /begin van de Ottomaanse overheersing. Hoewel het dorp op loopafstand van de zee ligt, is de zee niet zichtbaar vanuit het dorp. Uit veiligheids redenen werden de meeste dorpen op/achter heuvels gebouwd ter bescherming tegen vijandige aanvallen door  piraten die de bewoners van kustgebieden plunderden  Daarom wilden ze dat hun dorpen geen visueel contact met de zee hadden. Naast de huidige kerk van het dorp, Saint George en Charalambous , waar de Christenen van de omliggende dorpen stiekem gingen bidden, werden de eerste huizen gebouwd.

Het huidige Kalami Tegenwoordig geeft Kalami een uitgestorven indruk. Vanaf 1970 is het dorp langzaam leeg gelopen. In de hoop op een betere toekomst hebben de meeste inwoners hun huizen verlaten en zijn naar kustplaatsen als Psari Forada (Sidonia) en Arvi en natuurlijk naar de grote steden vertrokken. Daar werden toen de eerste kassen gebouwd. Een officiële volkstelling van 2001 meldde dat Kalami toen nog 44 inwoners had, op dit moment zijn dat er nog maar 5. De straten zijn erg smal en geplaveid en laten geen autoverkeer toe. Auto’s kunnen alleen vanaf de  weg die buiten het dorp loopt, passeren. Met de gedachte dat ze er ooit terug zouden keren om hun oude dag in Kalami door te brengen en het feit dat de meeste huizen  in het dorp niet bereikbaar zijn met de auto, hebben ze de huizen gemeubileerd achter gelaten. Feestdagen en vakanties brachten ze hier door. Maar,  zoals helaas vaak in dergelijke dorpen gebeurt, keerden de inwoners niet terug om er te wonen, en begon het dorp te vervallen en werd er veel ingebroken. Deuren werden geforceerd en hele huizen werden overhoop gehaald, vandaar dat het lijkt alsof mensen in alle haast vertrokken zijn. Eén van de bewoonster heeft de zorg voor alle bloemen in het dorp op zich genomen. Om er voor te zorgen dat de geiten en schapen niet alle bloemen gaan opeten zijn er op meerdere plaatsen in het dorp netten gespannen. Doorgang is toegestaan, maar men moet er wel voor zorgen dat de netten weer gesloten worden.

Bezigheden van de bewoners De belangrijkste werkzaamheden waren de teelt van olijfbomen, granen, fruitbomen (vooral citrusbomen),  Johannesbroodbomen en druiven. In mindere mate veehouderij. Al hun bezig heden waren net genoeg om zichzelf en hun families te voorzien.  De ontwikkeling van de levensstandaard begon in de jaren zestig toen de bewoners zich gingen bezighouden met de tuinbouw en telen van bananen.

Sociaal en economisch leven Kalami beleefde grote welvaart in de jaren dertig (tot de Duitse bezetting). Het was het meest ontwikkelde winkelcentrum in de gemeente. Op het strand van Psari Forada, 1920, was een douanekantoor  en zeven magazijnen, waar boten kwamen om verschillende soorten goederen uit de hele gemeent te laden en lossen. De goederen werden door dieren vervoerd, via Kalami tot aan Arkalochori. In 1929 werd (de eerste in de hele omgeving) diesel aangedreven olijfolie fabriek in het dorp gebouwd. Deze fabriek was een keerpunt, vanaf nu kon met dit nieuwe systeem makkelijker, sneller olijfolie worden geperst. Omdat één fabriek niet toereikend was voor de behoefte van de bewoners en de omgeving, werd in 1931 een tweede gebouwd. De restanten van beide fabrieken en een oude watermolen zijn nog steeds te zien. Er was een grote bloei in beroepen waarvan vele tegenwoordig zijn uitgestorven, waaronder zadelmakers, ketellappers, smeden, kleren- en schoenmakers en vroedvrouwen. Een speciale plaats was de supermarkt die onder andere fijne stoffen uit Athene en Heraklion verkocht en waar mensen uit de hele stad kwamen winkelen. Tijdens de Duitse bezetting werden bijna alle dorpen in de gemeente Viannou, zo ook Kalami, verwoest. In 1949 arriveerde een wederopbouw ploeg in Kalami, bestaande uit vijf Zwitsers, die veel verwoeste huizen herstelden. Het belangrijkste werk was echter de bouw van een aquaduct met betonnen en ijzeren pijpen. In dat zelfde jaar werd de opening van de ViannouSykologou weg geopend. Pas in 1952 werd de weg Sykologos-Gdochia geopend en het dorp was nu via de weg verbonden met Ierapetra. Tot die tijd was de enige weg die er bestond voor Ierapetra een verhard pad dat was aangelegd tijdens de Ottomaanse overheersing. Het wegennet naar Heraklion en Ierapetra werd pas eind jaren 60 verbeterd toen ook de wegen naar Kalami werden geasfalteerd.

 

 

 

Johannesbroodbomen en druiven. In mindere mate veehouderij. Al hun bezig heden waren net genoeg om zichzelf en hun families te voorzien.  De ontwikkeling van de levensstandaard begon in de jaren zestig toen de bewoners zich gingen bezighouden met de tuinbouw en telen van bananen.

Sociaal en economisch leven Kalami beleefde grote welvaart in de jaren dertig (tot de Duitse bezetting). Het was het meest ontwikkelde winkelcentrum in de gemeente. Op het strand van Psari Forada, 1920, was een douanekantoor  en zeven magazijnen, waar boten kwamen om verschillende soorten goederen uit de hele gemeent te laden en lossen. De goederen werden door dieren vervoerd, via Kalami tot aan Arkalochori. In 1929 werd (de eerste in de hele omgeving) diesel aangedreven olijfolie fabriek in het dorp gebouwd. Deze fabriek was een keerpunt, vanaf nu kon met dit nieuwe systeem makkelijker, sneller olijfolie worden geperst. Omdat één fabriek niet toereikend was voor de behoefte van de bewoners en de omgeving, werd in 1931 een tweede gebouwd. De restanten van beide fabrieken en een oude watermolen zijn nog steeds te zien. Er was een grote bloei in beroepen waarvan vele tegenwoordig zijn uitgestorven, waaronder zadelmakers, ketellappers, smeden, kleren- en schoenmakers en vroedvrouwen. Een speciale plaats was de supermarkt die onder andere fijne stoffen uit Athene en Heraklion verkocht en waar mensen uit de hele stad kwamen winkelen. Tijdens de Duitse bezetting werden bijna alle dorpen in de gemeente Viannou, zo ook Kalami, verwoest. In 1949 arriveerde een wederopbouw ploeg in Kalami, bestaande uit vijf Zwitsers, die veel verwoeste huizen herstelden. Het belangrijkste werk was echter de bouw van een aquaduct met betonnen en ijzeren pijpen. In dat zelfde jaar werd de opening van de ViannouSykologou weg geopend. Pas in 1952 werd de weg Sykologos-Gdochia geopend en het dorp was nu via de weg verbonden met Ierapetra. Tot die tijd was de enige weg die er bestond voor Ierapetra een verhard pad dat was aangelegd tijdens de Ottomaanse overheersing. Het wegennet naar Heraklion en Ierapetra werd pas eind jaren 60 verbeterd toen ook de wegen naar Kalami werden geasfalteerd.

De opening van de expositie is op zondag 7 april om 15.00 in de galerie.

Fotogalerie Lichtzone, Oude Kijk in't Jatstraat 36 9712EK Groningen. Tel. 050 589 0207. Openingstijden wo t/m zo van 12.00-17.00.